De echte 'coronapijn' komt nog, is intens en duurt lang

Kees Lieve

 

Het door corona aangetaste middelgrote bedrijfsleven (€ 5 mln - € 500 mln omzet) in Nederland heeft - zonder tweede besmettingsgolf - minimaal 2-3 jaar nodig om te herstellen en weer toekomstgericht te investeren. De diverse compenserende regelingen en uitstel van belastingbetaling hebben de eerste grote pijn verlicht. Nu deze maatregelen aflopen, kondigt zich de echte en langdurige pijn voor deze bedrijven aan.

De met name door overheid en banken verstrekte extra liquiditeitsruimte is eindig terwijl de corona effecten vooralsnog zullen voortduren. De liquide posities blijven t/m medio oktober veelal voldoende maar krimpen daarna snel. Uitstel van crediteurenbetalingen en opvolgende faillissementen, waarschijnlijk met name vanaf het 1e kwartaal 2021, volgen. Een groot deel van het voor onze economie essentiële middenbedrijf kan hierdoor de komende jaren nauwelijks bijdragen aan het gewenste herstel.

 

Verstrekte liquiditeitsruimte is eindig, corona-effecten lopen door
Zie gestileerd overzicht voor middelgrote ondernemingen (€ 5 mln - € 500 mln omzet). Het effect in bedragen per periode, sector en onderneming kan uiteraard fors verschillen, niet iedere onderneming maakt van alle hulpmaatregelen gebruik.

 

Overzicht In Tijd Artikel Herstelperiode Vs Now3


Aanname is dat de directe invloed van corona op de omzet t/m augustus groot is, vanaf september 2020 afneemt, in het 1e kwartaal 2021 verder afneemt en medio 2022 geen groot direct effect meer heeft. De omzet ging of gaat desondanks alsnog snel en vaak ver omlaag. In diverse sectoren wordt nu ook een sterke afname van orderintake voor investeringsgoederen en toekomstgerichte kosten gesignaleerd met groot effect vanaf einde dit jaar.

De NOW 1, 2 en de inmiddels aangekondigde NOW 3 subsidies compenseren voor respectievelijk 3, 4 en 3-9 maanden een variërend percentage van de loonkosten. Andere kosten gingen en gaan echter door. De omzetontwikkeling valt achteraf gezien iets mee. Meerdere bedrijven zullen daardoor een teveel ontvangen bedrag moeten terugbetalen. Naast NOW bestaan diverse andere sectorspecifieke regelingen.

Bovendien verleent de overheid omvangrijk krediet door bijzonder uitstel van betaling van vrijwel alle belastingen. Deze regeling voorziet, op aanvraag, in de mogelijkheid om tot 1 oktober of zelfs langer geen belastingen te betalen. Het is nog onbekend wanneer deze achterstallige belasting betaald moet worden. Een periode van 24 – 36 maanden vanaf januari 2021 is veelal noodzakelijk.

Ook banken en leasemaatschappijen hebben uitstel van aflossingen (en soms rente) geboden, veelal voor 6 maanden. Hervatting van de reguliere aflossingen dient meestal vanaf oktober plaats te vinden. De door de overheid grotendeels gegarandeerde leningen (BMKB-C en Go-C) dienen in 4 jaar te worden afgelost. 

Veel grote bedrijven, verhuurders en zorgverzekeraars hebben daarnaast tijdelijk coulance betracht. Zo zijn goederen retour genomen, inkooporders geannuleerd, huurnota's tijdelijk verlaagd of tijdelijk deels niet geïnd en continuïteitsbijdragen verstrekt. Deze coulance neemt nu af, ook omdat deze partijen het geld zelf nodig hebben.

En door vakantiegeld betaling in mei en juni en fors minder omzet in de vakantieperiode ontstaat bovendien ieder jaar al liquiditeitskrapte in het najaar.

De mogelijkheden binnen het personeelsbestand nemen bovendien af. Tijdelijke, 0-uren en inhuurcontracten (uitzend, freelance, payroll, zzp, interim) zijn al beëindigd. Afhankelijk van de ernst van de situatie moet dan gesneden worden in het vaste medewerkersbestand. Het rigide Nederlandse arbeidsrecht kost veel tijd en geld. Tenzij men het onderling eens wordt (met doorbetaling aantal maanden salaris en transitievergoeding) is een ontslagprocedure nodig. Bij collectief ontslag (> 20 werknemers) moet overleg met vakbonden worden gepleegd en is vergunning bij het UWV nodig (3-4 maanden), waarna opzegtermijnen moeten worden voldaan (1-4 maanden). Ook bij een reorganisatie lopen de loonkosten door tot in Q1 2021. Daarboven is nog de transitievergoeding verschuldigd.

 

Gevolg
In de komende jaren moeten achterstallige belastingen, extra aangegane leningen en ver opgelopen leveranciersschulden worden terugbetaald. Dit in een giftige combinatie met sterk verzwakte financiële posities, nog steeds lagere omzet en doorgaande vaste kosten. De invloed is enorm, zeker wanneer de crisis is ingegaan met een zwakke balanspositie. Schulden kunnen immers, zonder nieuw eigen vermogen, alleen afgelost worden uit nieuwe 'vrije cashflow'.

Veel, op zich levensvatbare, ondernemingen komen hierdoor langjarig in een 'overlevingsmodus'. Hun bestedingsgedrag verandert; er resteert nauwelijks ruimte voor toekomstgerichte uitgaven als investeringen, opleidingen, marktontwikkeling, innovatie e.d.

Het aangetaste deel van het voor onze economie essentiële middenbedrijf kan hierdoor de komende 2-3 jaren niet echt bijdragen aan het gewenste herstel. In die periode zullen veel bedrijven alsnog failliet gaan.

 

Hoe hier zo goed mogelijk mee om te gaan?
Financiers (en hun toezichthouders) komen voor de vraag te staan of zij bij echt levensvatbare bedrijven - hoewel deze dan massaal niet aan de voorwaarden voldoen - noodzakelijke investeringen, reorganisatiekosten en tijdelijke verliezen zullen financieren (met hogere rente- en kostenniveau's voor hun klanten).

De overheid zou moeten overwegen om bij 'corona reorganisaties' de betreffende loonkosten na ontslagaanvraag deels te compenseren, en te faciliteren dat liquiditeit van ondernemingen niet wordt aangetast door transitievergoedingen. Dit kan zij onder andere doen door transitievergoedingen aftrekbaar te maken van de loonheffing. Zonder dergelijke maatregelen zal de échte pijn nog komen. En die is intenser en duurt langer dan we tot nog toe gevoeld hebben.

 

Zie ook interview uitzending De nieuwe wereld, klik op de afbeelding

De Nieuwe Wereld

nieuwsbrief